Algemene Informatie

filler image

De Honden

Een politiehond moet over verschillende eigenschappen beschikken, hij moet trouw en rustig zijn, kalm kunnen blijven in onrustige situaties, hij moet een goed reukvermogen hebben en bijtvast zijn.
Vooral Mechelse herders worden voor politiewerk gebruikt, sommige andere rassen zijn ook geschikt, maar die worden vooral voor particuliere bewakingsdiensten gebruikt.
Voordat de trainers een hond kopen is het voor hen belangrijk om te weten of een hond kan bijten en dingen kan oppakken.

De politie streeft ernaar om zo veel mogelijk sociale honden op te leiden, de honden kunnen namelijk gemakkelijk schakelen van de sociale stand naar de werkstand en andersom. Om deze reden mogen politiehonden gewoon geaaid en aangehaald worden.

filler image

De Training

Meestal wordt er met het africhten van een hond begonnen als deze ongeveer 8 maanden oud is. Sommige trainers zullen ervoor kiezen om al eerder te beginnen en anderen later.
Bij een jonge hond wordt er op korte momenten op een vrijblijvende en speelse manier met de hond getraind, ook is er tijdens het trainen heel veel aandacht voor de hond.
Als de hond ouder is, duurt het trainen langer en is het niet meer vrijblijvend voor de hond.
Meestal is een hond na ongeveer 2 jaar klaar met de training.

Bij een training zijn er 1 of 2 pakwerkers, bij de training van Politiehond 1 wisselen deze elkaar af en bij de training van Politiehond 2 werken ze samen. Deze pakwerkers hebben een sterk pak aan, welke bestaat uit een onderlaag van leer en een bovenlaag van juten, dit bij elkaar weegt ongeveer 30 kg.

filler image

Wat gebeurt er na de keuring?

Een politiehond kan na de keuring bij de politie verschillende kanten op, hij kan namelijk gaan dienen als speurhond, of als surveillancehond.
Tussen deze twee groepen zijn er een paar overeenkomsten:

  • Om de twee jaar moet de combinatie (geleider en zijn diensthond) het examen opnieuw afleggen.
  • Er wordt wekelijks met de diensthond getraind.
  • Voor de maximale leeftijd voor inzetbaarheid wordt een bovengrens van ongeveer 9 jaar gehanteerd.
Maar er zijn ook verschillen tussen de groepen;
Een surveillancehond wordt meestal gebruikt om ruzies op te lossen (denk bijvoorbeeld aan voetbal vandalisme), inbrekers op te sporen en vast te zetten, enz.
Een surveillancehond gaat bij het normale straatwerk altijd mee, tijdens zijn dienst moet hij zowel speuren als bijten.

Een speurhond wordt vooral ingezet om explosieven, verdovende middelen, drenkelingen en menselijke resten op te zoeken, ook kan hij een menselijke geur op zoeken, dit kan zowel een speurtaak als een indentificatietaak zijn. Een identificatietaak wil zeggen dat de hond spullen, die bij bijvoorbeeld een inbraak gevonden zijn, moet koppelen aan de verdachte.
Het geleiden van een speurhond wordt gezien als een volledige politietaak, dus de geleider is de hele dag alleen met de speurhond op pad/bezig.